De onderbuik van Bourgondië
Delen

Toegegeven, we zitten ten zuiden ván en dus net ónder de Grand Crus van Chablis of de Côtes de Beaune. Rond Mâcon delen de wijnen van Bourgogne en Beaujolais broederlijk hun territorium. Maar het blijft Bourgondië, met zijn straks 1100 jaar oude abdij van Cluny – dé appellation met de meeste renommée van de Romaanse kunst.

Wijn gaat altijd over de tong bij Claude Poissonnet, confrater en prater van de  regionale Wijnbroederschap van Mâcon, in zuidelijk Bourgondië. “Bekend en geliefd bij jullie in België is de Saint-Amour”, weet Poissonet. “Een Beaujolais, zo zal elke Belg en Fransman je vertelllen. Ja, maar dan wel een Beaujolais uit de Bourgogne, ha!”

Ah, en hoe zit het dan met die fameuze ‘appellation d’origine’ werp ik tegen. Hoe zit het met wat de Vlamingen in Brussel-Halle-Vilvoorde het ‘territorialiteitsbeginsel´ noemen? Vlaanderen voor de Vlamingen dus, en Bourgognewijnen in Bourgogne. Of niet soms? De confrère glimlacht minzaam. “Wat de doorslag geeft is de ‘cépage’, de wijnplant. Die heeft zijn oorsprong in een bepaalde regio, wat u het territorialiteitsbeginsel noemt, maar er zijn grensgevallen. Zo is de Gamey als cépage typisch voor de Beaujolaisregio, maar de ondergrond en het klimaat laten een Gamey hier evengoed tot zijn recht komen.”

Cluny 2010
Soberheid lijkt niet aan de Bourgogne besteed. En toch moet die hoog in het vaandel hebben gestaan bij de stichters van de Abdij van Cluny. Vanaf 910 – straks dus 1100 jaar geleden – ontstond hier een spiritueel réveil, een Christelijk appél dat de toenmalige westerse wereld ook daadwerelijk aansprak, en aanstak met een heilig vuur. Met een netwerk van kloosters over heel Europa tot gevolg. De gigantische abdijkerk van Cluny groeide in drie fases uit tot een hoogtepunt in Romaanse architectuur. Pas in de Renaissance verzette de Sint-Pietersbasiliek van Rome de bakens en klopte Cluny in lengte met… vijf meter.

Heel veel is er niet van overgebleven. Na de Franse Revolutie zong de clerus een toontje lager. Kerk en abdij verwerden tot een bovengrondse steengroeve. Zand erover dan maar, en een fikse portie verbeelding van de hedendaagse bezoeker om Cluny in zijn luister te herstellen. Of nog even wachten. Want in het jubeljaar 2010 pakt de abdij en de stad uit met een nieuwe, oude versie van zichzelf. “Behalve van een restauratie van de site en de gebouwen maken we werk van een 3D-film in meerdere taalversies om de bezoekers onder te dompelen in het duizendjarige verleden”, weet de stadsgids. ”

Op het wandelparcours door de abdij worden er beeldschermen opgesteld. Ze vullen de ontbrekende stukken als glasramen, kapelletjes en transepten aan. Zelfs de wijzigende lichtinval door zonneschijn of wolken dringt door op het ultramoderne scherm en hecht zich op het netvlies van de 21ste eeuwse bezoeker”, zo maakt de gids ons warm voor de toekomst van het verleden.

Buitenverblijf
In afwachting van die glorieuze wederopstanding van Cluny dompelen we ons alvast onder in nog meer Romaanse kunst. In Tournus valt de abdij Saint-Philibert – een hoogtepunt van Romaanse architectuur  - in bijna al z’n glorie te bewonderen. Van de strenge halfschaduw waarin het massieve voorschip baadt, wordt je blik opgetild en ‘verlicht’ langs de openingen in het schip zelf met z’n hoge vensters en roze steen. Op weg naar het licht, op weg naar de gothiek. En als toetje werpen we een blik op de recent blootgelegde middeleeuwse vloermozaïeken: een zeldzaam stuk dierenriem en de werken op het veld van maand tot maand, bijeengeraapt in duizenden miniscule steentjes.

Werken op het veld was er niet bij voor Hugues de Semur. De later heilig verklaarde abt van Cluny uit het begin van de 12de eeuw had veel om handen: z’n abdij boomde spiritueel en financieel als nooit tevoren. Druk druk druk. En dus moest heilige Huug er af en toe even uit voor wat quality time met zichzelf en zijn God. Daarvoor liet de zakelijk en geestelijk leider van Cluny de Chapelle des Moines inrichten in het onooglijke Berzé-la-Ville, vlakbij de vervaarlijke Roche de Solutré die zich verheft boven de wijngaarden van de heerlijke witte Pouilly-Fuissé.

De Chapelle des Moines vormt nog zo’n goed bewaard gebleven restant van Romaanse kunst. Vooral de muurschilderingen zijn pareltjes en tonen Christus en andere heiligen met een Byzantijns versteende blik. Het kleurenpalet is fris en rijk, het hemels blauw op basis van lapis lazuli zondermeer exceptioneel. Zo moet Cluny ook geschitterd hebben, maar dan op véél grotere schaal.

Wij houden het voor bekeken en trekken ons terug voor wat quality time in het hotelletje Le Potin Gourmand, pal in het overigens stille centrum van Cluny. De gezellige binnentuin en het zwembadje lokken, maar echt trots zijn ze op hun themakamers: van retro over Indisch en  – heel toepasselijk – op z’n monniks. Dan is je lavabo een wijwatervat en de wc een biechtstoel of bidstoel. Die je moet openklappen om hem om te turnen in een kakstoel. Ja, ook een monnik heeft zo zijn behoeftes. Van kloostergang tot stoelgang, de toerist in de onderbuik van Bourgondië kan er maar wel bij varen.

Escapades
Wij spoorden met de TGV naar Lyon en toerden rond in de kleine driehoek Mâcon-Cluny-Tournus. Cluny en Tournus zijn nauwelijks meer dan veredelde dorpjes. Ze klampen zich vast aan een groot middeleeuws verleden toen de Romaanse kunst zichzelf overtrof en de eerste glimpen weggaf van de gothische architectuur die zich een weg zou banen van de kathedraalvloer tot in de hemel zelve.

Mâcon is de departementele hoofdstad, administratief centrum aan de oevers van de Saône. Van hieruit fiets je langs het water op de Voie Bleue, voor wie zich wil verzekeren van zo goed als vlakke etappes. Mag het er al wat heftiger aan toegaan in de groene en soms bultige Bourgogne? Zet je dan op het goede spoor – een voormalig treinspoor – van de Voie Verte. Of boek een staptocht met de ezel. De wortel voor diens neus is de wijnrank voor de reiziger, steeds op zoek naar nieuwe smaaksensaties, nuances in het glas en op de tong.

Of kijk je iets minder diep in het glas en geef je liever ‘volle gas’? Snor dan door verstilde wijndorpjes als Saint-Véran en Chardonnay (!) met een elektrische fiets. Of breng nog meer leven in de bottelarij en klim in een grommende Amerikaanse legerjeep uit 1945. Kriskras ‘cross’ door het landschap. Alsof je net West-Europa hebt bevrijd. Liberté, égalité en fraternité, maar dan met een Amerikaanse tongval. Zolang je niet met een dubbele tong spreekt, moet dat mogen.

Programma’s op maat werkt de lokale organisatie ‘Bourgogne Escapades’ graag voor je uit. Inclusief bezoek aan de ‘caves’ met degustatie van de Mâconnais-wijnen of zelfs een zoektochtje naar truffels van eigen bodem. Zie www.bourgogne-escapades.com.

Informatie over de regio zuid-Bourgondië: www.cluny-macon-tournus.com.
Meer info opvragen, zoals bv. de gratis Nederlandstalige fietskaart van de ‘Voies Vertes’ en info@bourgognedusud.com

Tekst en foto’s : Benno Wauters

Benno Wauters

  • Benno Wauters schreef reeds 3 artikels voor Reisreporter.
  • De andere berichten van Benno Wauters

Commentaar

Schrijf een reactie

terug naar boven